Is er een hel?

De hel is een begrip waar veel gelovigen mee worstelen. Als God liefde is, waarom bestaat er dan zoiets als een hel? Maar, als we de Bijbel openslaan, dan valt je misschien al gauw iets vreemds op. Als je in een NBV vertaling naar het woord ‘hel’ zocht, dan ben je hem niet tegenkomen. Was het een NBG vertaling die je opensloeg, dan kom je het woord 10 maal tegen (inclusief ‘helle’). Las je in een Statenvertaling, dan kwam je het woord zelfs 54 keer tegen. Vanwaar dat verschil? Wat kan je er nu echt over vinden in de Bijbel?

Er zijn verschillende woorden die met hel kunnen zijn vertaald: de woorden voor dodenrijk (Hebr: שאל (sheol), Grieks: hadēsαδης) en voor Gehenna, wat in het Hebreeuws eigenlijk ‘dal van Ben Hinnom’ of ‘dal van de zonen van Hinnom’ betekent.

Het dodenrijk is, kort gezegd, de plek waar de doden heengaan. Inderdaad geloven veel Christenen dat ongelovigen na hun dood direct door God geoordeeld zullen worden. Maar is het dodenrijk de hel? De eerste keer dat dit woord voorkomt, is in het verhaal van Jozef. Als zijn broers hem verkocht hebben, maar zijn vader voorhouden dat Jozef door wilde dieren verscheurd moet zijn, dan is Jakob ontroostbaar. Hij zegt dan dat hij door zijn verdriet zal ‘afdalen in het dodenrijk’. Dus: van verdriet zal hij sterven. Maar, Jakob is een gelovige! Als je verder zoekt, blijken inderdaad zowel gelovigen als ongelovigen naar het dodenrijk te gaan.

Bovendien is er geen bewustzijn in het dodenrijk, lezen we bij Prediker Pred 9:10. Wie dood is, kan niet praten, niet denken, God niet loven Psalm 6:5. Dat is logisch, want daar hebben we ons lichaam voor nodig, maar dat is weer stof geworden nadat we zijn doodgegaan. Pas als ze zullen opstaan, en een nieuw lichaam krijgen, zullen ze weer bewust zijn. Ook dat komt niet echt overeen met het idee van de hel, waar mensen bewust gestraft worden omdat ze niet in God geloofden.

Het is dus niet zo vreemd dat de vertalers van de NBG dit woord gewoon weer met dodenrijk hebben vertaald, het heeft helemaal niets met een hel te maken! Wel hebben ze nog dat andere woord, ‘Gehenna’, met hel vertaald. Wat is dat voor een plek dan?

Jezus heeft het regelmatig over het Gehenna. Dan waarschuwt hij zijn toehoorders dat ze naar zijn woorden moeten luisteren, anders zullen ze in het Gehenna geworpen worden. Het Gehenna wordt omschreven als een plek waar het vuur niet dooft, de worm niet sterft, en waar gehuil en tandengeknars is. Een beeld dat al aardig bij ons idee van de hel in de buurt komt, toch?

Het Gehenna is de Griekse naam voor het dal Ben Hinnom, het dal van de zoon van Hinnom. Dit is een dal vlak buiten Jeruzalem, waar afval verbrand werd. In het verleden brachten afvallige koningen van Israël er kinderoffers aan de afgod Moloch. Hierdoor was de plek een gruwel voor de Joden. Jesaja verteld ons nog, dat dit de plek is waar in de toekomst de lijken tegenstanders van de Messias geworpen zullen worden. Op die plek, waar de lijken opgestapeld liggen, zullen wormen niet sterven door een tekort aan voedsel, en ook het vuur kan blijven branden door de hoeveelheid lichamen. En steeds als de volken dan naar Jeruzalem zullen moeten gaan om de feesten te vieren, komen ze langs dit dal, en zullen eraan herinnerd worden dat ze zich niet tegen de Messias moeten keren. Jes 66:23,24

Is dit dan de hel? Ook deze plek komt er niet mee overeen. Er worden lichamen in gegooid, dus de mensen zijn dood en ervaren niets. Dan gaat het ook nog eens om een hele specifieke tijd, want alleen de tegenstanders in die tijd, als Jezus terugkomt, zullen daarin geworpen worden; het is niet de plek waar alle ongelovigen bewust gestraft worden.

Het is dus heel goed te verdedigen dat in de NBV het woord ‘hel’ helemaal niet meer voorkomt. Zowel het dodenrijk als het Gehenna zijn niet de hel zoals veel gelovigen die voor zich zien. Wel zijn er nog een paar teksten die duidelijk over een oordeel over ongelovigen spreken. Zo lezen we in Openbaringen 20:11-15 over het gericht voor de grote witte troon. Daar oordeelt God de doden. De gelovigen zijn op eerdere tijdstippen al opgestaan, bij de opname en om het koninkrijk binnen te gaan. Alle ongelovigen komen dus voor de grote witte troon te staan. Daar zullen zij geoordeeld worden naar hun werken. Als iemand niet in het boek van het leven staat, wordt hij in de poel van vuur geworpen, de tweede dood.

Is dit dan de hel? Hoewel het er erg op lijkt, zijn ook hier verschillen. De poel van vuur wordt ‘de tweede dood’ genoemd. De reden hiervoor is duidelijk: zij die voor een eerste keer dood zijn gegaan, komen voor God te staan. Ze worden geoordeeld en (nog steeds dood) in het vuur geworpen. In de tweede dood zijn ze dus nog steeds dood. Het vuur brandt alles weg wat hen van God zou kunnen scheiden. Vuur is in de Bijbel dan ook een beeld van een gericht dat zuivert. Dat klopt dus helemaal niet met het beeld dat ongelovigen voor altijd levend in het vuur verblijven en gepijnigd zullen worden. Gelukkig niet! Bovendien zullen de ongelovigen niet voor altijd in de tweede dood blijven; hierover lees je meer in het artikel ‘Hoe lang is eeuwig?’.

Thijs Amersfoort

Verwante onderwerpen:

hel
Gehenna
Hades
Sheol
Deel met anderen