Kiezen van de juiste trefwoorden

Zoals besproken in het eerdere artikel in dit blad, het artikel “De NCV verandert“, is er met het nakijken van de vertaalde tekst van het Nieuwe Testament ook opnieuw gekeken naar de trefwoorden, en zijn er enkelen heroverwogen, waarvan sommigen lange tijd als kenmerkend hebben gegolden voor de vertaling. Al die veranderingen, en ook de snelheid waarmee ze plaatsvinden, kunnen vragen oproepen. Is het wel goed overwogen? Waren de vorige trefwoorden verkeerd dan? De Amerikaanse en Duitse broeders zijn wel gewoon bij de gelijke trefwoorden gebleven, zouden wij dat dan ook niet moeten doen? Daarom is het goed uit te leggen wat overwegingen kunnen zijn waarom je een trefwoord heroverweegt, wat erbij komt kijken om een goed trefwoord te kiezen, en specifiek naar enkele opvallende woorden te kijken die veranderd zijn.

1. Redenen om een trefwoord opnieuw te overwegen

Nu werd er van tijd tot tijd wel eens een trefwoord aangepast, als we er tijdens het vertalen achter kwamen dat het trefwoord niet goed de betekenis in de zin kon overbrengen, of als we erachter kwamen dat het trefwoord de lading van het oorspronkelijke woord niet goed dekte, maar de laatste tijd is dit veel meer gebeurd. Dit komt door een aantal redenen:

  • Nu het hele NT klaar is, kan per woord alle vertalingen in het hele NT bekeken worden. Daardoor valt snel op als iets niet consequent vertaald is, en blijkt door een beter beeld van het woordgebruik soms een ander trefwoord toch beter te passen. En waar eerst de focus lag op het verder vertalen, ligt nu de focus op het verbeteren van de vertaling, en wordt er veel meer tijd besteed om de trefwoorden opnieuw te bekijken, wat tot meer en snellere veranderingen leidt.
  • Doordat het concordante vertaalproject al zo lang loopt, oorspronkelijk opgezet door de Amerikaanse broeders zo’n 100 jaar geleden, en het ook in Nederland al tientallen jaren loopt, is voortschrijdend inzicht onvermijdelijk. Zoals in het artikel “De NCV verandert” uitvoerig is besproken, verschijnen er telkens nieuwe studies over woorden, over gebruiken, over etymologie van woorden en meer.
  • Ook is er, zoals in het al genoemde artikel is besproken, met het opnieuw bekijken van de trefwoorden, een verschuiving geweest in wat actief meegewogen wordt in het kiezen van een trefwoord. Oorspronkelijk lag het meeste gewicht in het vaststellen van de betekenis op de opbouw van woorden uit elementen, de woordfamilie en het gebruik van het woord in de Bijbel. Nu wordt er minder aandacht besteed aan de etymologie, is nog steeds het Bijbels gebruik van een woord het belangrijkste maar weegt ook het bredere gebruik van een woord in andere Griekse teksten zwaar mee. Dit wordt verderop in dit artikel nader toegelicht.
  • Nu het project klaargemaakt wordt voor een grote uitgave voor een breed publiek, blijken veel woorden die we zelf gewend zijn door jarenlange concordante studies, archaïsch of moeilijk te begrijpen voor iemand die de vertaling voor het eerst ter hand neemt. Als er synoniemen te vinden zijn die de betekenis even goed of zelfs beter weergeven én begrijpelijker zijn, dan heeft dat natuurlijk de voorkeur.

2. Waar moet je naar kijken voor het vaststellen van een trefwoord?

Een ideaal trefwoord voor een Grieks woord vangt in één Nederlands woord de betekenis van het Grieks zodanig dat het op alle plekken waar dat Griekse woord voorkomt met dat Nederlandse woord vertaald wordt, en wel zo dat het de betekenis en de nuances van het woord overal goed overzet. Als er gezocht wordt naar een trefwoord is dat dus het streven. Daarvoor moeten dan natuurlijk eerst de betekenis en alle nuances in kaart gebracht worden. Dus de vraag waar het onderzoek naar een trefwoord mee begint is wat er allemaal bijdraagt aan de betekenis van een woord.

Etymologie en woordgebruik

De opbouw van een woord uit woord elementen, ook wel de etymologie van een woord genoemd, is iets dat altijd een centrale plek in de concordante methode heeft ingenomen. Het idee hoe de betekenis van een woord is opgebouwd was dat de elementen in zichzelf allemaal een vastgelegde betekenis hadden, en als elementen gecombineerd werden, daaruit de betekenis van het woord tevoorschijn komt. Dit is wat veel heeft bijgedragen aan de keuzes voor verschillende trefwoorden. Maar hoewel dit zeker is hoe mensen nieuwe woorden maken, door het combineren van voor hen bekende elementen, dat wil niet zeggen dat honderden jaren later de betekenis van de woorden gelijk is gebleven en nog steeds goed uit de elementen is af te leiden. Dit komt doordat betekenissen van woorden in taal kunnen verschuiven. Het Nederlands kent hier ook tal van voorbeelden van, zoals “geweldig” dat van “geweld” is afgeleid, of “fantastisch” van “fantasie”.

Er is eigenlijk maar één mechanisme dat uiteindelijk echt de betekenis van een woord vastlegt, en dat is hoe het woord gebruikt wordt. Wij mensen leren woorden en hun betekenis door te horen in welke contexten een woord gebruikt wordt. Als een woord ineens door mensen in een nieuwe context met een nieuwe nuance gebruikt wordt, dan leert de volgende generatie dit als onderdeel van de betekenis van het woord. Als een woord helemaal niet meer in een bepaalde context en betekenis gebruikt wordt, dan verliest een woord die betekenis in de volgende generatie. Het bestuderen van de etymologie van een woord kan zonder meer heel verhelderend zijn, en je een goed idee geven van het woord, maar de betekenis die uit etymologie tevoorschijn komt kan dus door de eeuwen heen verschuiven, en vervangen worden door de betekenis waarin het dan nog wordt gebruikt. Kortom, etymologie is helpend, maar voor het vinden van de betekenis ondergeschikt aan het gebruik van een woord.

Gebruik in andere Griekse teksten

Dit inzicht is niet nieuw, en vanaf het begin werden bij woordonderzoeken in concordante studies lange lijsten gegeven van de plaatsen waar een woord allemaal in de Bijbel voorkwam, al deze voorkomens nauwkeurig bestudeerd en gekeken of de betekenis die uit de elementen naar voren kwam ook klopte met hoe het woord in de Bijbel gebruikt wordt. Waar men altijd terughoudend mee is geweest is het kijken naar hoe woorden gebruikt worden in andere Griekse teksten uit die tijd. Die andere teksten zijn het werk van mensen, en daarom niet zoals de Bijbel geïnspireerd door God. Als dit meegewogen zou worden zou de betekenis die nu uit het geïnspireerde gebruik werd opgemaakt bevuild worden met wat mensen er allemaal van gemaakt hebben.

Dit klinkt logisch, maar wat je daarmee effectief doet is het Grieks van de Bijbel los zien van al het andere Grieks dat in die tijd gesproken en geschreven werd, en dat is mijns inziens niet correct. Want als Paulus een brief schreef, hoe formuleerde hij dan de zinnen? Welke betekenis kende hij bij de woorden? Het Grieks dat hij schreef was geen losstaand goddelijk Grieks, dat hij naast de inhoud van zijn boodschap ook nog geopenbaard had gekregen. En de mensen die zijn brief ontvingen hadden ook niet eerst een cursus goddelijk Grieks nodig om het te begrijpen. De woorden die Paulus gebruikte kende hij door de Griekse teksten die hij in zijn opleiding had gelezen, door de alledaagse Griekse gesprekken die hij had aangehoord, door de Griekse vertaling van het Oude Testament, de Septuagint, die hij waarschijnlijk zo uitvoerig bestudeerd had dat hij hem grotendeels uit zijn hoofd kende. En de mensen die zijn brief ontvingen? Die begrepen zijn woorden in de betekenis waarin zij die woorden geleerd hadden, uit die menselijke Griekse teksten, uit de alledaagse Griekse gesprekken en uit de Septuagint. Niet het Grieks waarin het Nieuwe Testament staat is goddelijk, maar wat er in het Grieks is opgeschreven. God heeft in een alledaagse menselijke taal een goddelijke boodschap aan ons gegeven.

Het Grieks van de Bijbel is dus niet los te zien van het Grieks van die tijd. En als we enigszins de betekenis willen benaderen die Paulus bij een woord in gedachten had als hij ze opschreef, of die zijn lezers erbij dachten toen ze de woorden lazen, dan moeten ook wij diezelfde menselijke Griekse teksten en de Septuagint bestuderen. Kortom, het gebruik van een woord in andere Griekse teksten is van groot belang om het bredere plaatje dat een Grieks woord kent te begrijpen. Maar wat wel meegenomen moet worden is dat een schrijver een woord een eigen draai kan geven, in een eigen betekenis kan gebruiken. Dit moeten we bedenken als we andere Griekse teksten bestuderen, dat we dan niet het eigen gebruik van een andere schrijver de Bijbel binnen fietsen, maar evengoed moeten we er rekening mee houden dat de Bijbel een Grieks woord in een hele eigen betekenis binnen het evangelie kan gebruiken. Het gebruik van een woord in andere Griekse teksten is op zijn beurt dus weer ondergeschikt aan het gebruik van een woord in de Bijbel.

Betekenisopbouw van een woord

In het bestuderen van de betekenis van een woord is etymologie dus helpend. Het geeft een eerste idee, en met het bestuderen van een woordfamilie krijg je ook een beter idee wat de betekenis is van een groep woorden die verwant zijn. Maar het mechanisme dat alles door de war kan gooien is gebruik, dus dat is wat een groter gewicht moet krijgen. Om het brede beeld van de betekenis van een woord te krijgen dat ook de schrijvers en lezers van die Griekse woorden hadden moet het gebruik van een woord in andere Griekse teksten bekeken worden. Dit legt het brede plaatje van de betekenis van een woord vast. En als laatste, en wat ook het zwaarst weegt, het gebruik van het woord in de Bijbel zelf. De Bijbel kan een woord op een meer specifieke manier gebruiken, of zelfs in een hele eigen betekenis, zodat het gebruik van een woord in de Bijbel altijd leidend moet zijn. Dit is wat meegewogen moet worden in de keuze van een trefwoord.

Voor vertalen moet nog verder gekeken worden, want er is een verschil tussen de algemene betekenis van een woord, en het specifieke gebruik. Binnen de context van een zin kan de betekenis van een woord verder ingekleurd worden of bepaalde nuances krijgen. Dan kan het zijn dat een Nederlands trefwoord, dat heel goed de algemene betekenis van een woord vangt, niet op dezelfde manier als het Griekse woord in de zin en in die context de goede nuances erbij krijgt en toch op die plek niet geschikt is. Maar daarover later meer.

Valkuilen bij het kiezen van een trefwoord

Er zijn bij het bestuderen van de betekenis van een woord en het kiezen van een passend Nederlands trefwoord dus een aantal valkuilen waar we voor uit moeten kijken. Enkelen daarvan hebben we hierboven, in de analyse hoe de betekenis van een woord opgebouwd is, al genoemd. Zo kan je voor de betekenis van een woord je te veel baseren op de etymologie van een woord, terwijl het gebruik misschien ondertussen al niet meer overeenstemt met de betekenis die daaruit gehaald wordt. Bovendien, als het over een dode taal gaat, is het gevaar aanwezig (zeker voor hen die niet goed ingeleid zijn in het Grieks en de studie naar de etymologie van een woord, vergelijkende talenstudies en klankveranderingen), dat je makkelijk vervalt in volksetymologie, omdat je niet alle gegevens hebt onderzocht. Dit is overigens niet alleen een gevaar bij het kiezen van een trefwoord. Mijn ervaring is dat, zeker bij de sprekers die geen Grieks kennen, het vaker fout dan goed gaat als ze in een artikel of een preek teruggrijpen op een veronderstelde etymologie van een woord, en daar een vermeende betekenis uit halen, vaak zonder al te veel aandacht voor het gebruik van een woord in de Bijbel, laat staan het bredere gebruik in andere Griekse teksten.

Een andere valkuil is dan ook het te weinig aandacht hebben voor het algemeen gebruik van het woord in andere Griekse teksten. Zoals ik al zei, Paulus en zijn lezers hebben het Grieks met die andere teksten geleerd, en begrijpen de woorden in die contexten, en dus zouden wij die ook mee moeten nemen. Evengoed is een valkuil dus dat je juist te veel aandacht voor andere Griekse teksten hebt, omdat schrijvers een woord in een eigen betekenis kunnen gebruiken, en je geen vreemde betekenis de Bijbel in wil fietsen, noch over het hoofd wil zien dat de Bijbel regelmatig woorden op een nieuwe, eigen manier gebruikt. Bijbels gebruik blijft daarom het zwaarst meewegen. Van die Griekse teksten is er één van bijzonder belang, zoals ook besproken in het artikel “Sabbat en sabbatten“, en dat is de Septuagint. Dit is de Griekse vertaling van het oude testament, die de Hebreeuwse uitdrukkingen in het Grieks overzette, en de standaard vertaling werd voor Grieks sprekenden, en daarmee ook de maatstaf van hoe Hebreeuwse ideeën en uitdrukkingen in het Grieks moesten klinken. De Septuagint heeft dan ook grote invloed gehad op het woordgebruik en de betekenis van woorden in het Nieuwe Testament. Een valkuil die we daarom nog apart zouden kunnen noemen is te weinig aandacht voor het gebruik in de Septuagint.

Als je eenmaal de betekenis van het Griekse woord goed gedefinieerd hebt, is de volgende uitdaging het vinden van het juiste Nederlandse woord dat de lading goed dekt. Een valkuil hierbij is dat je een te breed of te specifiek trefwoord kiest. Je kan een trefwoord vinden dat precies de betekenis goed vastlegt in een aantal belangrijke of bekende teksten, maar een ander gebruik van het Griekse woord in andere teksten niet meeneemt. Dan is het trefwoord niet geschikt in een vertaalmethode die zoveel mogelijk één Grieks woord met één Nederlands woord wil vertalen. Je kan ook een woord vinden dat overal wel de lading dekt, maar zo breed is dat het in het Nederlands allerlei nuances en gedachtes meeneemt die het Grieks niet kent, of zo breed is dat het botst met een ander Grieks woord dat verwant is in betekenis.

Een andere valkuil is dat je ook in het kiezen van een trefwoord ervoor moet waken hiermee niet te veel uit te gaan van je eigen overtuiging, maar je echt baseert op het gebruik van het woord. Het zoveel mogelijk consequent vertalen is om zoveel mogelijk extra interpretatie uit te sluiten om zo min mogelijk menselijke overtuiging in de vertaling te krijgen. Maar alsnog kan er dus eigen overtuiging of extra interpretatie in de tekst komen bij het kiezen van een trefwoord, en dat moet zoveel mogelijk vermeden worden.

Een volgende valkuil is dat je in het bepalen van de betekenis van een woord te veel waarde hecht aan wat anderen erover gezegd hebben, te veel leunt op wie jij autoriteiten acht. Absoluut, er zijn bepaalde mensen die met grondig onderzoek een veel beter overzicht kunnen hebben van de betekenis van een bepaald woord, maar dat maakt ze niet ongevoelig voor fouten, voor eigen overtuiging in de betekenis stoppen of een van de andere valkuilen die hier beschreven zijn. Blind uitgaan van de betekenis die een woordenboek geeft zonder eigen studie naar de voorkomens is dus niet goed, maar ook het zwaar laten meewegen wat onze Amerikaanse of Duitse broeders in hun concordante vertalingen gedaan hebben kan verkeerd zijn. “De Amerikaanse en Duitse broeders hebben dit trefwoord, dus wij zouden dat ook moeten doen” is geen geldig argument, de argumenten waarom ze tot die keuze gekomen zijn, die zouden gewogen moeten worden, niet slechts het feit dat ze uiteindelijk een bepaalde keuze gemaakt of gehouden hebben.

Betekenisvelden

Zoals besproken in het artikel “De NCV verandert“, is het zo dat talen niet altijd perfect één op één passen, en dat het daarom voor kan komen dat er geen enkel trefwoord te vinden is dat op alle plekken de betekenis van het Griekse woord goed weergeeft. Dan moet er, en dat gebeurt in alle concordante vertalingen, van tijd tot tijd toch afgeweken worden van het gekozen trefwoord.

Om een beter inzicht te krijgen in de redenen waarom het trefwoord op sommige plekken niet werkt, te zien of er met andere trefwoorden meer van de betekenis afgedekt kan worden en om een goed overzicht te geven van de verschillende betekenisvelden van een woord, is er begonnen aan het maken van een overzicht van de betekenisvelden en vertalingen van die betekenissen in het Nederlands in een soort woordenboek beschrijving. En daarmee is ook het inzicht toegepast dat de betekenis van een woord beter weergegeven kan worden in een omschrijving dan met een rijtje vertaalwoorden, omdat dat rijtje vertaalwoorden het kan laten lijken dat een Grieks woord zoveel verschillende betekenissen heeft, terwijl het vaak eerder laat zien dat het Nederlands niet in staat is met een enkel woord de hele betekenis van het Grieks te vatten.

Een voorbeeld van zo’n woordenboek beschrijving van een woord is hieronder te vinden, voor het woord airōαιρω, dat het trefwoord “heffen” heeft gekregen.

airo, heffen, HEFFEN

  1. Iets heffen naar een hogere positie.
  2. Door uitbreiding van betekenis: iets opheffen om het mee te nemen.
  3. Het omhoog komen, loskomen, van een lap die ergens opgenaaid is, loskomen.
    Mat 9:16

Op het eerste niveau zijn genummerd de betekenisvelden te vinden. Dit zijn de verschillende betekenissen die ook in het Grieks te onderscheiden zijn. Deze betekenissen zijn door een omschrijving zo goed mogelijk weergegeven. Op het niveau daaronder zijn de verschillende vertaalwoorden te vinden die het Nederlands nodig heeft om deze betekenis in elke context goed weer te geven. Dit laat vooral het tekortschieten van het Nederlands zien de hele betekenis in een enkel woord in alle contexten goed weer te kunnen geven. Maar door een dergelijk overzicht op te stellen kan goed bekeken worden of het vertalen overal consequent gedaan is, of er regelmaat valt te ontdekken in wanneer is afgeweken van het trefwoord, wat daar achter zit, en kan gekeken worden of het niet nog consequenter kan, of het met minder vertaalwoorden ook goed weergegeven kan worden.

Voor de uitgave van het Nieuwe Testament op papier worden alle woorden die met meerdere Nederlandse woorden vertaald zijn op deze manier onderzocht, de vertaling ervan consequenter gemaakt, en met zo’n duidelijk overzicht van de betekenis en betekenisvelden ook geregeld een trefwoord opnieuw overwogen.

3. Enkele trefwoorden opnieuw overwogen

Zoals reeds beschreven zijn de afgelopen tijd, met het nakijken van al het vertaalde werk, verschillende woorden opnieuw bekeken en de gekozen trefwoorden heroverwogen, om de verschillende redenen die onder kopje 1 genoemd zijn. Enkele van de woorden waarvan het trefwoord na heroverweging veranderd zijn waren door het decennialange gebruik van de woorden in concordante studies kenmerkend geworden voor de vertaling en de methode. Het veranderen van de trefwoorden van deze woorden roept vragen op, en dat is begrijpelijk en terecht. Het is dan ook goed om te onderbouwen waarom de trefwoorden zijn aangepast, en hoe daarin is rekening gehouden met alle valkuilen en zaken die meegewogen moeten worden, zoals beschreven onder kopje 2. En mocht iemand andere suggesties hebben, of erop kunnen wijzen dat niet de goede argumenten zijn meegewogen, dan horen we het graag.

3.1 Eon, eeuwig of tijdperk

Een opvallend woord in de concordante vertaling is altijd het Griekse woord aiōnαιων geweest. Dit woord is standaard vertaald met “eeuwigheid”, soms met “eeuw” en een enkele keer met “wereld”, maar wie in de kerkgeschriften duikt merkt dat de notie dat dit woord eindeloos betekent later is opgekomen. Een aion duidde in vroegere Griekse teksten op de tijd van het leven. Deze betekenis is ook nog te vinden in oude verwante talen uit het Indo-Europees, zoals het Sanskriet en Avestan, waar het woord in de vorm aiiu– nog gebruikt wordt voor de tijd van het leven. Ervan afgeleid is ook het Latijnse juvenis, dat “jonge man” betekent. Op basis van de vergelijkende talenwetenschap en onderzoek naar de geschiedenis van het woord lijkt dan ook de meest waarschijnlijke etymologie een aie-/aio-/aiu- element met de betekenis LEVENSTIJD. Dit vervangt de eerdere etymologie die het woord verder ophakte in a-i-on, ON-ALS-ZIJNDE, wat met deze gegevens niet meer mogelijk is, omdat dan in al die talen alle drie de elementen zichtbaar zouden moeten zijn. In het interlineair en bij het klikken op het woord aion zul je nu ook dat als stamvorm vinden, LEVENSTIJD.

De oorspronkelijke betekenis van levenstijd is mogelijk nog in een enkele tekst te zien in het Nieuwe Testament. In Joh 13:8 en 1Kor 8:13 lezen we dat Petrus en Paulus iets niet willen doen “voor het tijdperk”, wat mogelijk vertaald kan worden als “nooit van mijn leven”. In de latere Griekse geschriften en de Bijbel zelf is te zien dat de betekenis van het woord in de loop van de tijd verschoven is naar een aanduiding om de hele (wereld)tijdperken te omvatten van begin tot eind,1 zoals het ook in de Bijbel gebruikt wordt, voor de hele tijdsspanne van begin (1Kor 2:7; 2Tim 1:9) tot eind (Heb 9:26).

In het Nederlands komt het woord “eon” in de buurt van deze betekenis van een lang wereldtijdperk, en dit is tot nu toe ook gebruikt als trefwoord. Maar in het Nederlands wordt “eon” gebruikt voor andere lange geologische tijdperken van de aarde, die niet noodzakelijk de tijdperken zijn waar de Bijbel over spreekt. Een ander bezwaar is dat het woord voor de meeste mensen onbekend en daarmee onbegrijpelijk is. En wat betekent het bijbehorende bijvoeglijk naamwoord? Wat betekent “eonisch leven”, “eonische tijden” (Rom 16:25) of de “eonische God” (Rom 16:26)? “Eonisch” is geen Nederlands woord, en is misschien bekend bij hen die al lang de concordante studies volgen, maar wie de vertaling voor het eerst ter hand neemt om te studeren weet niet wat het moet betekenen. Als er een synoniem te vinden is dat de betekenis evengoed, zo niet beter weergeeft, heeft dat de voorkeur. Voor “eon” is dat niet moeilijk te vinden: tijdperk. Dat duidt net als het Griekse woord op een lange tijdsspanne, en wordt ook gebruikt om de wereldtijdperken aan te duiden. 

Maar om hiervan een trefwoord af te leiden dat bij het bijvoeglijk naamwoord past ligt minder voor de hand. Het bijvoeglijk naamwoord geeft aan dat iets voortduurt gedurende een aiōnαιων, een (wereld)tijdperk. Dan is “eonisch leven” het leven gedurende de tijdperken. De “eonische God” is de God gedurende de tijdperken. Dat iets voor “eonische tijden” verzwegen is, is dat iets door tijden gedurende de (voorbije) tijdperken heen verzwegen is. Deze betekenis kan niet met een enkel woord omschreven worden, dus we ontkomen er niet aan dat dit een ietwat omslachtige uitdrukking wordt: “gedurende de tijdperken”. 

Door te vertalen met tijdperk en het bijvoeglijk naamwoord met “gedurende de tijdperken” worden voorheen exotische of ronduit onbegrijpelijke uitdrukkingen ineens tastbaar, begrijpelijk en komen ze dichterbij. Dat is precies de bedoeling van het heroverwegen. Voor wie dit woord kent uit jarenlange, misschien wel decennialange concordante studies en het gebruik van de concordante vertaling, zal dit wennen zijn, maar lees de verzen waar deze woorden voorkomen eens opnieuw, kijk eens wat ze nu zeggen, nu het met “tijdperk” vertaald is, en misschien gaan de verzen opnieuw voor je leven.

3.2 Era of periode

Een ander tijdwoord uit het Grieks is kairosκαιρος. Net als bij het woord aiōnαιων is de vraag niet wat het betekent, dat is al bekend. Het woord heeft een breed scala aan betekenissen, zoals een seizoen bij planten (Mat 21:34), een langere periode in de grotere tijdsrekening (Mar 1:15), of een specifiek moment (Joh 7:6), de juiste tijd. Voor zo’n breed gebruik van het woord is het lastig een goed trefwoord te vinden. Voorheen gaven we het woord weer met “era“. In het Nederlands kan dat voor een tijdperk staan, maar dat gebruik is verouderd, en ook voor een tijdseenheid die in rang onder een eon staat. Met name dat laatste maakte het woord geschikt voor die plaatsen waar het woord wijst op een langere periode in de grotere tijdsrekening. De aanleiding om het woord te heroverwegen was dat het woord met zoveel verschillende vertaalwoorden vertaald was, zodat de vraag is of dit met minder woorden ook zou kunnen, en dat era net als eon een woord is dat weinig mensen kennen en dat voor de meesten onbegrijpelijk is.

Om een overzicht te krijgen van het gebruik van het woord in het NT en de verschillende vertaalwoorden die ervoor gebruikt worden, is ook voor dit woord een woordenboek overzicht gemaakt:

kairos, periode, SEIZOEN
Met dit woord worden tijdseenheden aangeduid, en wordt gebruikt voor 1) langere perioden waar een aion in verdeeld kan worden, al dan niet met een bepaald karakter, of algemeen perioden, een periode, seizoen, 2) of voor momenten en gelegenheden.

  1. Lange periode binnen een aion of algemene perioden
  2. Tijdstippen, vaak met de notie dat het om het geschikte of juiste moment gaat.

Zo is te zien dat er in het Grieks twee betekenisvelden zijn, en voor elk betekenisveld het Nederlands meerdere vertaalwoorden nodig heeft om de betekenis over te zetten. Als we het trefwoord “era” zouden aanhouden, dan zou dit alleen maar geschikt zijn voor een subset van 1b, alleen voor die perioden die in de context van de grotere tijdrekening worden gebruikt. Maar dat is dus eigenlijk een te specifiek trefwoord, dat ook nog eens niet heel begrijpelijk is. Dan is “periode” veel beter, want dat vat beter de betekenis van het woord samen: langere of kortere perioden, tot zo kort dat het om momenten en tijdstippen gaat. Daarom, omdat het begrijpelijker is, en het trefwoord de betekenis in zijn volle breedte beter weergeeft, is het trefwoord “era” vervangen door “periode”.

3.3 Hoop of verwachting

Een van de bekende woorden die in de Concordante vertaling anders stonden dan in de gangbare vertalingen of het interlineair van ISA was het Griekse woord voor verwachten, elpizōελπιζω, waar andere vertalingen hopen hadden, en het bijbehorende zelfstandig naamwoord. Zo klonk het bekende vers uit 1Kor 13:13 “Thans blijven echter geloof, verwachting en liefde”. De reden waarom verwachten beter was dan hoop werd dan vaak uitgelegd met het argument dat het woord gebruikt werd om de zekere verwachting te beschrijven die we in geloof hebben. Deze zekerheid zat wel in het Nederlandse woord “verwachting”, niet in “hoop”. Dat klink mij alleen erg als het invullen van een overtuiging – het geloof dat wat God belooft zeker is – in de betekenis van een woord dat voor meer werd gebruikt dan alleen de beloften van God. We zouden de betekenis van woorden puur op het gebruik moeten baseren, het gebruik in buiten-Bijbelse teksten en het gebruik in de Bijbel zelf, en van daar uit ons begrip van God vormen, niet de andere kant op, ons begrip van God invullen in de betekenis van woorden.

Bij de keuze voor het trefwoord voor de Engelse Concordant Version is ook voor “expect” in plaats van “hope” gekozen, met als redenering dat het woord “hope” aan betekenis heeft ingeboet: “hope has degenerated into a desire for something which we have no real reason to expect.”2 Laten we er dus eens in duiken. Hoe wordt het woord gebruikt? En past hierop het Nederlandse woord “hoop”, of “verwachting”?

Het gebruik van deze woorden in buiten-Bijbelse Griekse teksten is grotendeels gelijk aan dat in de Bijbel zelf. Het wordt in alle gevallen gebruikt voor zaken waar naar uitgekeken wordt, waarvan je ervan uitgaat dat ze zullen gebeuren, of waarvoor je jezelf inzet zodat ze zullen gebeuren. In de meest afgezwakte vorm wordt het woord soms gebruikt voor “denken, veronderstellen”. Waar ons woord “hoop” een positieve klank heeft, is dit voor het Griekse woord niet noodzakelijk, en het kan ook gaan over nare zaken gaan die men verwacht maar waar men niet naar uitkijkt. In de Septuagint en het Nieuwe Testament echter wordt het woord alleen in de positieve zin gebruikt, voor dat waar men naar uitziet. In de Septuagint is het ook met woorden als “vertrouwen op” en “veiligheid” vertaald, wat verwante begrippen zijn.

In het Nieuwe Testament vallen alle voorkomens onder de gegeven beschrijving, en uitsluitend in een neutrale of positieve nuance. Als het er om gaat of deze woorden altijd de zekerheid uitdrukken die erin verondersteld is als argument voor “verwachten” en tegen “hopen”, dan is deze niet overal even sterk aanwezig. Het woord wordt zowel gebruikt voor de zekere hoop die God ons geeft (bijv. Hand 24:15; Rom 12:12), als ook voor ijdele menselijke hoop (bijv. Luc 6:34; Hand 16:19; Rom 15:24). De hoop en het hopen is dus lang niet altijd zeker. Het is alleen dan zeker, indien God er de bron van is. De zekerheid zit hem dan ook niet in het woord zelf, maar soms in de context, en soms niet, en zou dus niet de basis voor de keuze van het trefwoord moeten zijn.

We zien dus dat de woorden voor zowel zekere hoop of verwachting als ijdele menselijke hoop gebruikt kunnen worden. Is het Nederlandse woord “hoop” dan niet een goede weergave van beide gebruiken? De stelling dat “hope has degenerated into a desire for something which we have no real reason to expect” is te negatief. Zeker, in hoop kan een element van onzekerheid zitten, maar ook vertrouwen. “No real reason to expect” is te sterk aangezet voor het Nederlands, het woord kan ook zonder meer gebruikt worden voor iets waar we wel reden voor hebben om het te verwachten, maar wat simpelweg nog in de toekomst ligt en daarmee nog niet definitief is. Naast de onzekerheid bij het woord schrijft de van Dale verder over hoop en hopen als “wensende verwachting” en “in vertrouwen afwachten”, wat juist heel mooi past op het zeker hopen op wat God beloofd heeft. 

Zo lijkt mij de keuze voor het trefwoord verwachten te veel gebaseerd te zijn op alleen die teksten die gaan over onze zekere hoop op Gods beloften, en niet het hele gebruik van het woord, en lijken me de negatieve typeringen van de Nederlandse woorden “hoop” en “hopen” niet helemaal op zijn plaats. Naast dat het woord wel degelijk voor iets dat een zekere verwachting is gebruikt kan worden, geeft het daarnaast goed de positieve lading waarin het Nieuwe Testament het woord gebruikt weer. Daarom is ervoor gekozen in de NCV “verwachting” en “verwachten” te vervangen door “hoop” en “hopen”.

3.4 Wederzijds verzoenen

Een ander bekend woord uit de Nederlandse concordante vertaling en studies is “wederzijds verzoenen“, dat onder meer voorkomt in de belangrijke tekst van Kol 1:20, waar staat dat God het al (wederzijds) met Zichzelf verzoent. Waarom dit woord “wederzijds verzoenen” aangeeft in plaats van normaal “verzoenen” is mij altijd uitgelegd aan de hand van de etymologie van het woord, apokatallassōαποκαταλλασσω, met twee voorzetsels aan het begin, apo dat OP betekent, en kata dat NEER betekent. Het OP-NEER zou dus de twee kanten van de verzoening aangeven. Maar als we er even langer over nadenken, dan houdt deze uitleg moeilijk stand. Het is bijvoorbeeld niet zo dat katallassōκαταλλασσω, zonder OP, altijd eenzijdig verzoenen is, of altijd van boven naar beneden verzoenen is. Juist niet, het verzoenen in een huwelijk is hopelijk wederzijds (1Kor 7:11), en het verzoenen in relatie tussen God en mensen gaat juist altijd over de mens die met God verzoend wordt (Rom 5:10, 1Kor 5:18 etc.). Ook apokatallassōαποκαταλλασσω is in die zin niet wederzijds, ook daar is het in Kol 1:20 juist de wereld die met God verzoend wordt, niet God met de wereld. Kortom, het “wederzijds” klopt niet.

Het bestuderen van andere Griekse teksten zal ons in dit geval niets opleveren, want we vinden dit woord voor het eerst bij Paulus. Ook in het Nieuwe Testament zelf komt het zo weinig voor dat het moeilijk is uit die teksten een duidelijk beeld van het verschil tussen dit woord en het normale woord voor verzoenen te halen. De vraag is welke betekenis het voorzetsel OP toevoegt aan dit woord. Maar als we kijken naar wat OP toevoegt aan andere woorden waar het voor geplakt wordt, of de paar andere woorden die dezelfde dubbele voorzetsels hebben, OP-NEER, dan lijkt het erop, zoals verschillende woordenboeken ook suggereren, dat het extra voorzetsel er een versterkte vorm van het normale verzoenen van maakt, een soort verzoening plus. Maar hoe geef je dat weer? We hebben “weer verzoenen” overwogen, het herstellen dat bij verzoenen hoort sterker benadrukkend, maar zijn uiteindelijk uitgekomen bij “geheel verzoenen,” wat goed past in het brede bereik van het verzoenen in de contexten waar het voorkomt.

3.5 Complement of volheid

Een ander woord dat opviel in de vertaling omdat het vaak tot lastige zinnen leidde en niet snel door mensen begrepen werd die het nog nooit uitgelegd hadden gekregen, is het Griekse woord plērōmaπληρωμα, dat het trefwoord “complement” had gekregen. Een complement is dat wat iets compleet maakt. Dit leidde tot interessante teksten, die gaan over de gemeente die het complement van Christus is (Efe 1:23), maar ook onbegrijpelijke uitdrukkingen, zoals “het complement van de era‘s” uit Efe 1:10.

Het woord wordt in andere Griekse teksten voor een breed scala aan betekenissen gebruikt, in allerlei variaties met de kernbetekenis “vol zijn/maken” gebruikt: het vol zijn, volmaakt zijn, ook inderdaad dat wat vol maakt, maar ook het vullen. Het gebruik in de Septuagint is even wijd als in de andere Griekse teksten. Allerlei betekenissen die te maken hebben met vol zijn/worden, volmaakt zijn, vullen etc. komen daar voor bij dit woord. Wat veel vaker voorkomt in de Septuagint dan in andere Griekse teksten, is het gebruik van dit woord voor perioden die “vol worden/zijn”, dus ten einde komen, zoals in Gen 25:24 “de dagen waren vol geworden dat ze zou baren”, of Lev 8:33 “buiten blijven totdat de zeven dagen vol zijn” etc. Hierin zien we een parallel naar Efe 1:10.

In het Nieuwe testament is eenzelfde verscheidenheid aan betekenissen te vinden. Het wordt voor een vulstuk gebruikt (dus dat wat vol maakt, een complement) in Mat 9:16; Mar 2:21, voor het aangeven dat de draagkorven met brokstukken vol zaten in Mar 6:43; 8:20, om aan te geven dat iets de wet vervult, in Rom 13:10. In Rom 11:12 gaat het om het moment dat Israël vol/volmaakt/ perfect wordt, het moment dat tegenover hun misstap staat. In veel andere teksten lijkt er helemaal geen sprake van een complement, maar van een vol zijn, een volheid, zoals in Joh 1:16; Rom 11:25; 15:29. In 1Kor 10:26 wijst het woord op alles wat op aarde leeft, dat wat de aarde vult. In Gal 4:4 en Efe 1:10 vinden we dus de in het Grieks bekende gebruik van dit woord om de afsluiting van een periode aan te duiden. Efe 3:19 laat in de directe context zien dat het om een vullen gaat, om gevuld te raken, het is niet duidelijk dat dit een aanvulling/complement moet zijn, wat ook geldt voor de overige voorkomens. Efe 1:23 zou zowel op een complement kunnen duiden (lichaam en hoofd die elkaar vol maken), als op een volheid (het totaal), het idee is hetzelfde.

Als zodanig is “complement” niet een verkeerde weergave van de betekenis, maar het is te specifiek. In de meeste plekken gaat het niet om dat wat vol maakt, maar om een al vol zijn. Als zodanig zijn de meeste voorkomens goed te vertalen met “volheid”, dat daarom ook als het nieuwe trefwoord voor dit woord gekozen is.

3.6 Culmineren of samenvatten

Een ander woord dat opviel omdat het vrij onbekend is bij de meeste mensen is “culmineren”, wat als trefwoord diende voor het Griekse anakephalaioōανακεφαλαιοω. De betekenis van het woord is mooi als je het opzoekt in het woordenboek, maar als er een synoniem te vinden is dat de betekenis even goed of beter weergeeft en wel gelijk duidelijk is, dan verdient dat de voorkeur.

Het woord is opgebouwd uit een voorzetsel ana, dat OPWAARTS betekent, en kephalaioōκεφαλαιοω, en uit het gebruik valt op te maken dat het woord betekent dat iets naar zijn kephalaionκεφαλαιον gebracht wordt. Dat woord, kephalaionκεφαλαιον, komt tweemaal voor in het NT, en laat daar precies de twee gebruiken zien die het woord in de bredere Griekse literatuur kent: in Heb 8:1 wordt het woord gebruikt om de hoofdzaak of samenvatting van wat gezegd wordt weer te geven, in Hand 22:28 gaat het om een wiskundige optelling, een “som”, daar in de zin van een geldbedrag.

De betekenis van anakephalaioōανακεφαλαιοω zou dan zijn dat iets naar zijn som gebracht wordt, het opsommen, dan wel om een samenvatting of hoofdgedachte op te sommen, dan wel voor een daadwerkelijke wiskundige som. Dit zijn precies de twee betekenissen waarin we het woord in andere Griekse teksten en in het Nieuwe Testament tegenkomen. In Rom 13:9 gaat het, na een overzicht van de geboden, over dat al deze geboden samenkomen in een enkele, je naaste liefhebben als jezelf. Alle geboden worden daarin samengevat. Ook Efe 1:10 gaat die richting op. Daar lezen we dat “het al” samengebracht zal worden in Christus. In Hem komt alles bij elkaar, wordt alles opgeteld. Ook daar past dan heel mooi het woord “samenvatten”.

“Culmineren” is een mooi woord, dat “zijn toppunt of uiterste punt bereiken” betekent, en het klikte waarschijnlijk met het idee van “hoofd”, dat in de stamvorm zit, maar is niet precies genoeg in het weergeven van de betekenis, zodat “samenvatten” is gekozen als nieuwe trefwoord voor dit woord.

3.7 Uitgeroepen gemeente

Het woord Griekse woord ekklēsiaεκκλησια had eerder het trefwoord “uitgeroepen gemeente”, waar andere vertalingen “gemeente” of “kerk” gebruikten. De toevoeging “uitgeroepen” komt uit de opbouw van het woord, van ek dat UIT en klesia van kaleo dat ROEPEN betekent. De toevoeging “uitgeroepen” lijkt daarmee erg gebaseerd op de etymologie, maar dan is de vraag of dit ook overeenkomt met het woordgebruik. Is dit “uitgeroepen” nog onderdeel van de betekenis overal waar het woord gebruikt wordt?

In Griekse teksten buiten de Bijbelse teksten werd dit woord gebruikt voor de volksvergaderingen in de Griekse steden waar gekozen of vooraanstaande burgers besluiten namen over de stad. De veronderstelling dat het is afgeleid van ekkaleo, “uitroepen”, omdat de vergadering uitgeroepen werd, is niet onmogelijk – een enkele keer wordt het werkwoord zo in een Griekse tekst gebruikt, om bijvoorbeeld iemand uit zijn huis te roepen – maar dit gebruik van het werkwoord in die betekenis is zeldzaam, en komt als zodanig nooit voor in combinatie met ekklēsiaεκκλησια. Vaker betekent het werkwoord ‘iemand of iets tevoorschijn roepen, sommeren of uitlokken’. Het verwante woord ekkletos werd gebruikt voor een uitgekozen groep burgers voor een speciale taak, daar kan  ook aan verwant zijn, omdat het een uitgekozen groep burgers was die deel mocht nemen aan de volksvergaderingen. In deze teksten doelt het woord in ieder geval op een politieke vergadering van het volk. In de Septuagint wordt dit woord gebruikt in een iets bredere zin, voor bijeenkomsten van het volk Israël die niet meer alleen politiek waren, maar vaak ook religieus. 

Deze bredere betekenis van zowel een politieke als een religieuze vergadering van mensen vinden we ook in het Nieuwe Testament. Daar vinden we het gebruikt voor klassieke volksvergaderingen in Griekse en Romeinse steden, zoals in Hand 19:32,29,41, en wordt er naar de bijeenkomst van het volk in de woestijn verwezen als een volksvergadering die niet politiek maar eerder religieus was (Hand 7:38). Alle overige keren wordt het gebruikt om te verwijzen naar de gelovigen die bij elkaar kwamen, maar ook abstract voor het geheel aan gelovigen, of ze nu fysiek samen waren of niet. Dit zijn afgeleide betekenissen, die door uitbreiding van de oorspronkelijke betekenis van volksvergadering tot stand zijn gekomen. Maar aangezien het de vraag is of het woord echt is afgeleid van ekkaleo, en in de uitbreiding van de betekenis naar de abstracte aanduiding van alle gelovigen het ook niet meer over de ekkletos, de uitgekozen of vooraanstaande groep burgers in de Griekse steden gaat, is er weinig meer voor te zeggen om het “uitgeroepen” in het trefwoord te houden. Er is nog overwogen of alle voorkomens met een enkel woord als “vergadering” of “samenkomst” vertaald kunnen worden, maar hiervoor liggen de twee gebruiken te ver uit elkaar, en levert het vooral onduidelijke verzen op. Daarom is gekozen voor het trefwoord “volksvergadering”, dat in de genoemde passages uit Handelingen gebruikt kan worden, en in de overige voorkomens voor “gemeente“.

3.8 Lottoedeling of erfdeel

Het laatste woord dat hier besproken wordt dat opvallend was in de vertaling is het Griekse woord klēronomiaκληρονομια, dat als trefwoord lottoedeling had, en de andere woorden in de kleronom– groep: klēronomosκληρονομος, “lotbezitter”, en klēronomeōκληρονομεω, “als lotdeel bezitten”. De woorden “lottoedeling”, “lotbezitter” en “lotdeel” zijn woorden die niet in de Van Dale staan, die een poging zijn recht te doen aan de woordopbouw van de Griekse woorden, die zijn afgeleid van klērosκληρος, “lot”. De gangbare vertalingen vertalen deze woorden met “erfenis”, “erfgenaam” en “erven”, maar daartegen speelt ook sterk de gedachte, dat als er gesproken wordt over onze lottoedeling die we van God krijgen, dit foute vertalingen zijn, omdat God niet dood is.

Deze laatste gedachte is echter iets dat onze keuze voor een trefwoord niet mag beïnvloeden, want dat zou wederom vanuit ons begrip van God zijn gedacht, wat we vervolgens op een woord leggen wat het moet betekenen. Dat is de verkeerde kant op, dat is invulling van de betekenis. Een woordstudie zou vanuit de taal en het gebruik moeten opmaken wat een woord echt betekent, en die betekenis zou in het Woord onze kennis van God moeten vormen. Dus de echte vraag is, hoe wordt dit woord gebruikt? 

Als je gaat kijken naar de andere Griekse teksten, dan wordt klērosκληρος inderdaad gebruikt voor het “lot”, en door uitbreiding van betekenis ook voor dat wat door het lot verdeeld werd, met name een stuk land. Maar dit land werd vervolgens nooit meer door loting, maar door erfenis doorgegeven binnen de familie, waarmee de verwijzing naar het lot voor het stuk land dat werd overgegeven vervaagde in dit woord. De woorden uit de hiervan afgeleide kleronom– groep werden in Griekse teksten de standaard woorden om te spreken over erfenis en erven, waarmee er geen link meer was met het “lot” waarvan het afgeleid was. Ook kwamen de woorden in een iets bredere betekenis voor, waarbij er minder nadruk lag op het verkrijgen na iemands overlijden, maar vooral nog op het verkrijgen. In de Septuagint wordt dit gebruik ook gevonden. Het woord klērosκληρος wordt gebruikt voor zowel “lot” als “een stuk land”, en de kleronom– groep voor erven en erfenis, en in de bredere betekenis van verkrijgen. Zo zien we beide Griekse woorden in het vers waar het land onder Israël verdeeld werd, Joz 14:2, waar in het Hebreeuws staat dat per lot hun een erfdeel toegewezen werd, wat het Grieks vertaalt met klērosκληρος en het werkwoord klēronomeōκληρονομεω.

Als wij naar het gebruik in het Nieuwe Testament gaan kijken, dan zien wij voor de kleronom– groep dezelfde betekenissen. De standaard betekenis van klēronomiaκληρονομια, “erfenis”, is te zien in bijvoorbeeld Luc 12:13, waar iemand Jezus vraagt te helpen in het verdelen van de erfenis. Vaker echter wordt het in de bredere of figuurlijke betekenis gebruikt, voor het verkrijgen van wat God beloofd heeft, al dan niet figuurlijk met het beeld dat wij als zonen het van onze Vader krijgen. In geen van de voorkomens van woorden uit deze groep is enige indicatie dat er bij dit verkrijgen nog sprake is van loting of het lot. Net als bij de andere Griekse teksten is deze betekenis uit de etymologie geen onderdeel meer van de betekenis van het woord.

Wat zijn dan goed Nederlandse trefwoorden voor de kleronom– groep? Woorden gebaseerd op “erven” werden eerder resoluut terzijde geschoven omdat God niet dood is, maar ik heb al geschreven waarom dat geen goed argument is. Niet onze overtuiging over God, maar het gebruik bepaalt wat een woord betekent. En dat gebruik wijst op daadwerkelijk erven en algemener iets verkrijgen. Als we “erven” in de van Dale opzoeken, dan krijgen we naast de standaard betekenis ook “door uitbreiding: van een ander overnemen; deelachtig worden. Vb. het koninkrijk der hemelen erven.” Als zodanig heeft ons Nederlandse woord erven dus dezelfde ruimte, om zowel voor letterlijk erven na iemands overlijden te spreken, als het bredere verkrijgen van iets, zonder dat er iemand dood voor hoeft te zijn. Daarom, juist ook omdat dit de normale Griekse woorden voor erven en erfenis zijn, lijken mij deze woorden als trefwoorden juist uitermate geschikt. Zo houden we dezelfde connectie vast als in het Grieks, en kan het toch breder gebruikt worden, ook in situaties waarin het verkrijgen niet noodzakelijk na iemands dood plaatsvindt. Het heeft exact dezelfde betekenisvelden, en is daarmee uitstekend.

Daarom is voor klēronomiaκληρονομια het trefwoord “erfdeel” gekozen, dat naast erfenis ook op “bezit of recht, door God toegezegd” kan wijzen, voor klēronomosκληρονομος het trefwoord “erfgenaam” en voor klēronomeōκληρονομεω “als erfdeel bezitten”. Ja, het schuurt misschien enigszins te lezen dat God, de levende God, ons een erfdeel geeft, maar dit schuurt dus niet meer dan het Grieks, omdat beide woorden op erfenis en algemener op wat verkregen wordt kunnen wijzen. Dit geeft de betekenis perfect weer, waar de eerder in het Nederlands onbekende woorden onterecht vast houden aan de betekenis “lot”, die bij deze woorden niet in andere Griekse teksten noch in de Bijbel nog onderdeel uitmaken van de betekenis van het woord.

Voetnoten

  1. Dit is ook de conclusie die H.M. Keizer trekt in haar studie naar dit woord in de Griekse geschriften, LIFE TIME ENTIRETY, A Study of AIWN in Greek Literature and Philosophy, the Septuagint and Philo, Amsterdam, Universiteit van Amsterdam, 1999
  2. Zie onder “HOPE” in het Keyword Concordance achter aan in het Concordant Literal New Testament, Concordant Publishing Concern, 1983.
Deel met anderen