Niet boven jullie kunnen

Geen uitprobering heeft jullie gegrepen dan een menselijke. Getrouw echter is God, Die het niet zal laten begaan dat jullie uitgeprobeerd worden boven wat jullie kunnen, maar Hij zal, samen met de uitprobering, ook de uitkomst maken, opdat jullie kunnen doorstaan.Eig.Vert.
(1Cor 10:13 – proeve van NCV)

God overvraagt ons niet
Het is van onschatbare waarde te beseffen dat Gods hand ook tot in de donkerste kanten van ons leven reikt. Ook al willen wij nóg zo graag een rustig leven leiden, wij komen toch voor allerlei zorgen, moeilijkheden en teleurstellingen te staan. God zal ons daarbij nooit overvragen.
Wanneer het ons toch allemaal teveel wordt, we nergens meer een gat in zien, verbaast God ons met de wijsheid waarmee Hij alles leidt, anders en hoger dan wij ooit hadden kunnen denken. Meestal zien wij dat pas achteraf in. Dan rest ons slechts diepe dankbaarheid voor Zijn liefde en genade!

‘Uitproberen’ door mensen
Wanneer wij iemand ‘uitproberen’ [Grieks: peirazōπειραζω], zijn wij benieuwd naar zijn reactie. Voor ons gaat het dan om een onderzoek, waarbij het voor ons tevoren niet vaststaat wat daarvan het resultaat zal zijn en welke consequenties wij daaraan kunnen verbinden. Zo was het ook toen mensen zoals farizeeën, sadduceeën, wetgeleerden en ook satan onze Heer ‘uitprobeerden’. Bovendien probeerden zij onze Heer in de val te lokken. Zij deden dat zonder zich te realiseren dat het vleesgeworden Woord voor hen stond. Onze Heer kon niet anders dan dat Woord spreken en naleven.
Als zij geestelijk niet doof en blind waren geweest, hadden zij hun uitprobeersels wel achterwege gelaten.
Wanneer mensen iemand ‘uitproberen’ doen zij dat eigenlijk uit onwetende arrogantie.

‘Uitproberen’ door God
Wanneer God of onze Heer Jezus Christus iemand ‘uitprobeert’, doet Hij dat niet om hem in de val van de zonde te lokken en ook niet omdat Hij nieuwsgierig naar zijn reactie is.
Een duidelijk voorbeeld hiervan:

Toen Jezus dan de ogen opsloeg en zag, dat een grote schare tot Hem kwam, zeide Hij tot Filippus: “Waar zullen wij broden kopen, dat dezen kunnen eten?” Maar dit zeide Hij om hem op de proef te stellen [lett.: hem uitproberend], want Zelf wist Hij, wat Hij doen zou.Eig.Vert.
(Joh 6:5-6 – NBG)

Filippus antwoordt, kijkend naar de enorme menigte rondom hen, met een zekere machteloosheid slechts naar wat er aan geld en voedsel voorhanden is. Dan toont de Heer waartoe Hij in staat is en opent daarmee de ogen van Filippus en talloze anderen.

‘Uitproberen’ in het evangelie van de besnijdenis en van de voorhuid
In Mattheus 6:9-13 geeft onze Heer de Joden het voorbeeld van een gebed dat zij tot de Vader kunnen richten – let wel: in afwachting van de komst van Zijn Koninkrijk op aarde! Hij zegt: “… en breng ons niet in een uitprobering, maar berg ons voor de boze.” vs.13 Dat gebed geldt niet voor ons, leden van de uitgeroepen gemeente die het lichaam van Christus is. Voor ons die immers een hemelse verwachting hebben, heeft Paulus onder meer in de Efeziërsbrief aangegeven welke beden wij tot de Vader kunnen richten.
Het verschil tussen ons die een hemelse bestemming hebben en de Joden die het koninkrijk op aarde verwachten, komt ook bij het ‘uitproberen’ naar boven. Vergelijk de woorden in Jakobus 1:2-4 maar eens met die van onze apostel Paulus in Romeinen 5:1-5! God laat bij Jakobus en de overige evangeliën van de besnijdenis een andere aanpak zien dan bij ons. In ons geval heeft het ‘uitproberen’ een geheel andere bagage. God stelt ons geen voorwaarden. Bij ons wegen de vruchten van de geest.

Gods bedoeling als Hij ons ‘uitprobeert’
Wanneer God ons uitprobeert, wil Hij ons wat duidelijk maken en een ervaring met Hem rijker laten worden. Juist omdat Hij met een bepaald doel in ons leven te werk gaat, weet Hij dus ook wat de uitkomst van een ‘uitprobering’ zal zijn. Dat is een enorm troostrijke gedachte!
Een en ander betekent ook dat God een grens gesteld heeft aan wat Hij bij ons uitprobeert. Doordat Hij gelijktijdig in de uitkomst ervan voorziet – ons door en door kennende – maakt Hij het ons ook mogelijk om onze testperiode te doorstaan. Hij is immers niet uit op onze ondergang, maar wil ons dichter aan Zijn hart drukken. Hij wil dat wij bij Hem schuilen en geen paniekerige pogingen doen om er zelf uit te komen. Dan kunnen wij Hem danken voor zowel het uitproberen als voor de uitkomst die uitstijgt boven alles wat wij gedacht hadden.
Dit ligt volkomen in de lijn van wat Paulus in Romeinen 8:28 geschreven heeft:

Wij weten nu dat, voor hen die God liefhebben, God alles doet samenwerken ten goede, voor hen die in overeenstemming met Zijn plan geroepen zijn.Eig.Vert.
(Rom 8:28 – proeve van NCV)

Hij laat ons zo belangrijke ervaringen opdoen die een hoger doel hebben: ons nader tot Hem brengen!

God is getrouw!
God kan ons uitproberen in lijden, zoals ziekte, zwakheid of machteloosheid, en ook in verdrukkingen en door wat mensen ons aandoen. Het lijden en de verdrukkingen die wijzelf ondergaan of bij onze dierbaren meemaken – zelfs tot hun dood toe – kunnen zo’n test vormen. Hoezeer wij daaronder ook gebukt mogen gaan, nimmer behoeven wij ons af te vragen of God nog wel met ons is. Hij is ons dan juist meer nabij dan ooit! Hij is getrouw [Grieks: pistosπιστος], het geloven waard:

24 Trouw is Hij, Die jullie roept; Hij zal het ook doen. NCV
(1Thes 5:24 – NCV)

Hij zal niet lijdzaam toekijken en ook niet toestaan dat wij boven ons kunnen uitgeprobeerd worden! Hij heeft al in de uitkomst voorzien, zodat wij kunnen volharden tot Hij ons die uitkomst geeft. Die zal ons verstomd doen staan van blijdschap, omdat wij Vaders hart voelen kloppen!

Laat Hem besturen, waken,
’t is wijsheid wat Hij doet!
Zo zal Hij alles maken,
dat g’ u verwond’ren moet,
als Hij, die alle macht heeft,
met wonderbaar beleid
geheel het werk volbracht heeft,
waarom gij thans nog schreit.1

1. Van Paul Gerhardt, zie Liedboek van de Kerken 904.
AED
Deel met anderen